Dit opiniestuk verscheen op 30 maart in De Standaard.

Het aantal gewelddadige incidenten tegen holebi’s en transpersonen moet dalen. Bruno De Lille en Petra De Sutter willen geen woorden, maar daden.

Vandaag vertrekt in Luik een mars om de dood van Ihsane Jarfi te herdenken. Vijf jaar geleden werd de jongeman brutaal vermoord. Omdat hij homo was. België reageerde geschokt en zei: ‘Dit nooit meer.’ En dus maakten de verschillende regeringen van ons land samen een Nationaal Actieplan tegen Holebi- en Transfobie. België is sindsdien een regenboogparadijs voor LGBTI’s en alle homo’s, lesbiennes, bi’s en trans- en interpersonen leven er lang en gelukkig.

Zo zou het moeten zijn, maar helaas. Het bestaande Nationale Actieplan tegen Holebi- en Transfobie liep af eind 2014 en nu, meer dan twee jaar later, zijn onze regeringen er nog altijd niet in geslaagd een nieuw plan te maken. Nochtans blijft holebi- en transfoob geweld een ernstig probleem in ons land.

Alain Fleurus uit Itterbeek stierf in juli 2015, nadat hij door drie twintigers zwaar werd toegetakeld wegens zijn homoseksuele geaardheid. In juni 2016 werd de Tunesische transgender Sharky neergestoken in Etterbeek en moest hij in het ziekenhuis worden opgenomen. We spreken dan nog niet van de vele gevallen van agressie die niet in de kranten komen. Maar dat maakt ze niet minder erg. Uit onderzoek leren we dat holebi’s en transpersonen, die het slachtoffer zijn van geweld, vaker een zelfdodingspoging ondernemen.

Versplinterde initiatieven

Elke keer zijn onze collega-politici er als de kippen bij om hun verontwaardiging en medeleven uit te drukken. Maar daar zijn we niets mee, als het probleem niet structureel aangepakt wordt. Waarom neemt niemand de zaak in handen? Natuurlijk worden er hier en daar interessante initiatieven gelanceerd. Maar ze zijn te versplinterd om echt impact te hebben. Dergelijke initiatieven renderen maar, als ze kaderen in een groter geheel.

We zien dat ook op andere vlakken. Zo is de aanpak van gendergerelateerd geweld een stuk efficiënter geworden sinds onze regeringen samen aan de kar trekken. Sinds 2001 is men toe aan het vijfde Nationaal Actieplan tegen Gendergerelateerd Geweld. Aan het begin van elke nieuwe regeerperiode wordt een aanpak afgesproken en enkele maanden later al treedt het nieuwe actieplan in werking.

Waarom kan dat niet voor holebi- en transfoob geweld? Wat schort er? De voorbereiding is al gebeurd door Çavaria, de LGBTI-koepelvereniging. Als we de bevoegde ministers in onze parlementen daarover ondervragen, zeggen ze allemaal dat ze dat broodnodig vinden. Waarop wachten ze? Moet er eerst nog een moord gebeuren voor er actie komt? Wordt het echt zo cynisch?

Aan hetzelfde zeel trekken

We hopen dat er vanavond veel mensen meestappen in de mars voor Ihsane Jarfi. Maar we hopen ook dat we er onze bevoegde ministers en staatssecretarissen niet zullen zien, en dat dat zou betekenen dat ze samen aan het vergaderen zijn over de nieuwe gezamenlijke aanpak van holebi- en transfobie in ons land.

Het is een strijd van lange adem, die vraagt om een mentaliteitswijziging en een cultuuromslag, stap voor stap en dag na dag. Hij kan alleen gewonnen worden als we voortdurend én allemaal aan hetzelfde zeel trekken. Op wettelijk vlak is ons land vooruitstrevend. Nu moet eindelijk ook het aantal incidenten dalen.

Beste Zuhal, Liesbeth, Isabelle en Bianca, we hadden dit actieplan gisteren al nodig. Neem uw verantwoordelijkheid dus vandaag nog op. Dat bent u aan Ihsane, Alain, Sharky en alle holebi’s en transpersonen verplicht.

Bruno De Lille