Petra De Sutter

Fertiliteitsexperte, senator & parlementslid voor Groen in de Raad van Europa

Health, Politics

“De natuur haar werk laten doen en wachten op een zwangerschap, daar hebben veel mensen het tegenwoordig moeilijk mee” – Acod

Small newborn baby legs in mothers lovely hand with soft focus on babie's foot

Lees  hier het interview met Petra over onvruchtbaarheid dat ze gaf aan Acod:

“De natuur haar werk laten doen en wachten op een zwangerschap, daar hebben veel mensen het tegenwoordig moeilijk mee”

Professor Petra De Sutter is hoofd van de afdeling reproductieve geneeskunde van het UZ Gent. Als arts-gynaecoloog verricht ze onderzoek naar (on)vruchtbaarheid en embryonale stamcellen. Het grootste deel van haar werk is echter het helpen van patiënten met vruchtbaarheidsproblemen. Bij de voorbije verkiezingen was ze ook verkiesbaar op de Europese lijst van Groen.

Bij reproductieve geneeskunde denken de meeste mensen in de eerste plaats aan in-vitrofertilisatie en vruchtbaarheidsbehandelingen. Wat voor hulp biedt jouw departement aan het UZ Gent aan zijn patiënten?

Petra De Sutter: “Bij vruchtbaarheidsbehandelingen gaat het om veel meer dan alleen in-vitrofertilisatie (IVF). Mensen denken vaak dat wanneer iemand niet zwanger geraakt, die maar aan IVF moet doen. Maar dat is pas de laatste stap in een hele reeks van onderzoeken en behandelingen die daaraan voorafgaan. We raden eerst aan om gedurende een jaar te proberen op volledig natuurlijke wijze zwanger te raken. In ongeveer 85% van de gevallen is dat ook succesvol. Bij de overige 15% doen we verder onderzoek. Dat kan gaan van spermaonderzoek bij de man, naar eileideronderzoek, tot het nakijken van de cyclus van de vrouw en eventueel een kijkoperatie om het probleem te achterhalen.”

Het is dus een gefaseerde behandeling.

Petra De Sutter: “Inderdaad, de behandeling hangt af van het probleem. Is er een probleem met de cyclus is of met de eisprong, dan stimuleren we die. Een kijkoperatie kan nodig zijn om ‘verklevingen’ weg te nemen. Een tussenbehandeling voor IVF is nog inseminatie, waarbij we het sperma voorbereiden in het labo en op het goede moment in de baarmoeder van de vrouw inbrengen. Dat kan de kans op een zwangerschap al doen toenemen. Het is een procedure die we normaal gezien tot zesmaal toe herhalen. Enkel indien de eileiders echt dichtzitten en niet behandelbaar zijn, of indien de kwaliteit van het sperma heel erg slecht is, gaan we over tot IVF. Dan wordt de eicel in een proefbuis door de zaadcellen bevrucht, vooraleer inplanting in de baarmoeder.”

IVF lijkt tegenwoordig een vrij gewone zaak en niet langer een uitzonderlijke medische behandeling. Is het dat ook?

Petra De Sutter: “Het feit dat IVF nu tot zesmaal toe wordt terugbetaald door de ziekenkas, is op zich een goed zaak. Veel meer mensen kunnen er nu gebruik van maken. Die laagdrempeligheid zorgt er wel voor dat er vaak te snel en te vaak tot IVF wordt overgegaan. Patiënten hebben niet altijd het geduld voor zes inseminaties en menen dat ze meer kansen hebben door meteen over te gaan tot IVF. Het is geen keuze van de patiënt zelf, maar sommige artsen gaan sneller over tot IVF dan andere. Wanneer één arts nog wat wil afwachten, zullen patiënten soms sneller naar een andere, meer ‘gewillige’ arts stappen voor hulp.”

Is vruchtbaarheid een soort van consumptiegoed geworden?

Petra De Sutter: “Vele mensen, zowel binnen als buiten de geneeskunde, zien de ultieme controle over de vruchtbaarheid als een goede zaak. Tegenover contraceptie, die de zwangerschap verhindert, staat dan de vruchtbaarheidsbehandeling, die de zwangerschap faciliteert. In die visie kan je bij wijze van spreken volledig bepalen wanneer je wel en niet zwanger wordt. Maar de natuur haar werk laten doen en wachten op een zwangerschap, daar hebben veel mensen het tegenwoordig moeilijk mee. Daar haakt de westerse mens op af. Dat heeft ook te maken met onze huidige levensstijl.”

Waar pleit je voor?

Petra De Sutter: “Het probleem is deels te wijten aan het huidige systeem. Ik pleit ervoor toch enige controle toe te passen om te bepalen of iemand recht heeft op terugbetaalde IVF. Er moeten een aantal criteria vervuld zijn, zoals voorafgaande onderzoeken en behandelingen. IVF mag pas het laatste redmiddel zijn. Het is immers een dure behandeling. Men beschouwt het vaak als de toveroplossing, maar het is iets ingewikkelder dan dat. Bovendien is het ook lichamelijk en mentaal niet te onderschatten. Mensen moeten zich bewust worden van de kostbaarheid van hun vruchtbaarheid.”

Probeert men de voortplanting te veel te controleren naar eigen goeddunken?

Petra De Sutter: “Nu ligt de nadruk in campagnes voor jongeren vooral op wat ze moeten doen om niet zwanger te worden. Die preventie en de waarschuwingen voor SOA’s zijn zeer belangrijk. Maar voor wat je moet doen om je vruchtbaarheid te bewaren, daar is te weinig aandacht voor. Je moet jongeren ook leren dat er limieten zijn aan hun vruchtbaarheid, dat bijvoorbeeld roken ook zeer schadelijk is voor de vruchtbaarheid van zowel man als vrouw. Als de overheid daarover wat meer zou sensibiliseren, dan zou ze daardoor ook geld kunnen besparen op vruchtbaarheidsbehandelingen.”

Mensen gaan te lichtzinnig om met hun vruchtbaarheid?

Petra De Sutter: “Misschien moeten mensen zich op jongere leeftijd bewust worden van het belang van hun vruchtbaarheid. Ze moeten niet denken dat ze nog alle tijd hebben om kinderen te krijgen en dat er nog wel IVF zal zijn om hen te helpen als het niet lukt. Daarmee worden we hier wel vaker geconfronteerd en dat heeft ook met die laagdrempeligheid te maken.”

Hoe is het gesteld met de vruchtbaarheid in Vlaanderen?

Petra De Sutter: “Lange tijd was er in literatuurstudies te lezen dat de spermakwaliteit erop achteruitging. Mogelijk was er een link met milieuverontreiniging. Nu er veel schadelijke stoffen zijn verboden, geven studies aan dat de kwaliteit stabiel is en soms zelfs verbetert. Zowel voor vrouwen als voor mannen kan gesteld worden dat de vruchtbaarheid de laatste 20 jaar stabiel is.”

Omdat steeds meer vrouwen een carrière nastreven, is de leeftijd waarop vrouwen hun eerste kind krijgen in de voorbije decennia wel enorm gestegen. Is er een relatie tussen de latere zwangerschappen en de problemen om zwanger te raken?

Petra De Sutter: “Ja, maar ik wil niet zover gaan om te zeggen dat het dus hun eigen schuld is en ze er maar voor moeten kiezen geen carrière te maken. Dat is te gemakkelijke en uit studies blijkt trouwens dat het geen juist verband is. In Scandinavië voerde men maatregelen in om vrouwen makkelijker hun carrière te laten combineren met kinderen en daar leidde dat niet tot een daling van de leeftijd waarop vrouwen hun eerste kind kregen.

Vrouwen krijgen nu later kinderen omdat ze tegenwoordig moeilijker een geschikte partner vinden. Dat is meer nog het geval indien ze hogere studies gedaan hebben. Onze afdeling ziet een toevloed van alleenstaande vrouwen van 35 en ouder die een kind willen. Ze zijn nooit op de juiste partner gebotst.
We zien ook vaker mensen die een relatie hadden, aan kinderen dachten, maar waar het er nooit van kwam. Nu zijn ze wat ouder, in een nieuwe relatie en willen ze er alsnog aan beginnen. Intussen tikt de biologische klok onverbiddelijk verder.”

Oudere vrouwen worden ook moeilijker zwanger door een verminderde kwaliteit van hun eicellen. Bestaan daar oplossingen voor?

Petra De Sutter: “Vanaf de leeftijd van 30 jaar is de afname in kwaliteit dramatisch. Bij de zaadcellen van de man is dat veel minder het geval. Mannen kunnen op hoge leeftijd nog perfect gezonde kinderen krijgen. Om die ongelijkheid te verhelpen, zie je de laatste jaren een nieuwe trend: het invriezen van eicellen. Jonge vrouwen laten enkele eicellen in zogenaamde eicelbanken invriezen. De eicellen kunnen dan wanneer de vrouw ouder is alsnog bevrucht en ingeplant worden. Zo kunnen ze zonder kwaliteitsverlies aan voortplanting doen.”

Maar dat gebeurt dan enkel in het kader van een medische behandeling?

Petra De Sutter: “Het invriezen gebeurt momenteel voornamelijk bij kankerbehandelingen, maar in principe kan en gebeurt het ook om niet-medische redenen. Men noemt het dan ‘social freezing’, een term die ik niet zo graag hoor, omdat het dan heel erg de nadruk legt op het feit dat het geen geneeskunde is en enkel mogelijk is voor mensen die het kunnen betalen. De kostprijs kan immers oplopen tot 8000 euro voor een twintigtal eicellen. Anderzijds vermindert het wel de afhankelijkheid van eiceldonatie.”

Er zijn dus tal van behandelingen mogelijk wanneer iemand problemen heeft om kinderen te krijgen. Maar hoe zit het met kostenplaatje? Wie moet ervoor opdraaien: de patiënt of de maatschappij?

Petra De Sutter: “IVF werd voor het eerst toegepast in 1978. Pas sinds 2003 betaalt de ziekteverzekering de behandeling terug. Een praktijk als het invriezen van eicellen om niet-medische redenen wordt niet terugbetaald. Dat hoeft voor mij ook nog niet. Ik denk dat we eerst moeten onderzoeken wat de kosten en de baten ervan zijn. Blijkt dat we daardoor andere kosten kunnen vermijden, dan valt een terugbetaling te overwegen. Maar momenteel is het te vroeg om daar uitspraken over te doen. Het bevindt zich in de sfeer van de esthetische ingrepen: enkel voor de ‘happy few’. De overige behandelingen in onze afdeling zijn wel terugbetaald en dat is sociaal gezien een goede maatregel.”

Het opent de weg naar een bredere discussie over volksgezondheid. Moet de sociale zekerheid tussenkomen voor alle ziektes en aandoeningen?

Petra De Sutter: “Je moet dat dossier per dossier bekijken. Ik vind, bijvoorbeeld, niet dat rokers zelf moeten opdraaien voor hun longkankerbehandeling. Rokers scoren minder goed bij IVF. Moet iemand die niet stopt met roken de IVF dan maar zelf betalen? Neen. Je moet die persoon van zijn of haar rookverslaving afhelpen. Ik ben geen voorstander van het culpabiliseren van mensen, wel van preventie en gezondheidsvoorlichting. En dát is een taak van de overheid. Je mag het individu niet straffen voor ongezond gedrag, die persoon moet geholpen worden.”

Hoe bepaal je waaraan de overheid haar gezondheidsbudget besteed?

Petra De Sutter: “Dat is uiteraard niet eenvoudig. Je moet rationeel met het beschikbare budget omgaan. Ik verwijs graag naar Lieven Annemans, een gezondheidseconoom, die me toch wel inspireert. Volgens hem moet je enerzijds besparen, maar anderzijds ook investeren. Besparen doe je vooral door de overconsumptie in de geneeskunde aan te pakken. Nu lopen de kosten vaak hoog op omdat ziekenhuizen onvoldoende gefinancierd worden door de overheid. Ze verplichten hun artsen dan om extra onderzoeken te verrichten, omdat ze daar zelf een deel van terugtrekken. Zo kunnen ze overleven. Maar op die manier doe je wel het budget van de gezondheidszorg sterk toenemen.”

Er is dus nood aan een correcte financiering van de ziekenhuizen?

Petra De Sutter: “Het zou alleszins al flink wat overbodige onderzoeken voorkomen. Het geld dat dan vrijkomt, kan je aan andere zaken uitgeven: nieuwe technieken of geneesmiddelen. Er is ook nood aan responsabilisering, bijvoorbeeld via het globaal medisch dossier. Zo worden budgeten toegekend per behandelde patiënt en zal er oordeelkundiger omgegaan worden per patiënt. Bij diabetespatiënten is dat al het geval. Het is één van de mogelijke besparingsmodellen. Volgens berekeningen zou zo 5 tot zelfs 15% bespaard kunnen worden op de sociale zekerheid. Nogmaals, geld dat elders binnen de gezondheidszorg beter besteed kan worden.”

Heeft de sector van de reproductieve geneeskunde af te rekenen met veel concurrentie van private ziekenhuizen?

Petra De Sutter: “In België valt dat goed mee, zowel qua misbruiken als uitwassen. In Spanje is de private reproductieve geneeskunde echter wel ‘big business’. Ik noem dat geen geneeskunde meer. Die ziekenhuizen hanteren echte businessmodellen en hun directeurs zijn eigenlijk managers. Er bestaan zelfs ketens van vruchtbaarheidsklinieken, een soort van Albert Hein van de IVF. Ze focussen vooral op eiceldonatie. Daardoor worden ze overrompeld door mensen uit binnen- en buitenland die eicellen nodig hebben. Bovendien trekken ze ook veel buitenlandse donoren aan. Het zijn vaak jonge, Oost-Europese vrouwen die tegen een onkostenvergoeding – maar gezien de hoogte daarvan noem ik het een betaling – eicellen komen doneren. Het is een echt handeltje.”

Bestaat er geen Europese wetgeving om dergelijke praktijken aan banden te leggen?

Petra De Sutter: “Zeker wel, maar technisch en wettelijk is eigenlijk alles in orde. De Europese regelgeving wordt in lokale wetgeving omgezet en toegepast door lokale inspecteurs. Uiteraard kunnen die zich soepeler opstellen in het ene land dan in het andere (lacht). Wat die Spaanse klinieken doen, dat zou in België niet kunnen. Onze inspectie is veel strenger. Och, er bestaan zo veel bedenkelijke praktijken in Europa. Er zijn zelfs klinieken uit Ierland die eicellen importeren uit Rusland. Ook daar bestaat regelgeving rond. Het is dus legaal, maar het blijven uitwassen. Dramatisch is ook dat vele patiënten misbruikt worden door klinieken die hen voor grof geld technieken en behandelingen aanbieden die nog niet op punt staan en waarvan de kans op slagen zeer beperkt is. De mensen willen kinderen en zullen dus om het even wat doen of betalen. Dat zijn zaken waar ik kwaad van word!”

Reageren is niet mogelijk

Thema door Anders Norén